Patronen van hersenkrimp verklaren de klachten bij MS

Belang

Eerder onderzoek heeft aangetoond dat niet zozeer MS-afwijkingen in de witte stof, maar de afname van de hoeveelheid grijze stof (grijze stof atrofie) verantwoordelijk is voor het toenemen van de beperkingen bij mensen met MS. Het promotieonderzoek van Martijn Steenwijk richt zich op het herkennen van patronen in de hersenkrimp bij mensen met MS.

Methode

De MRI-scans van ruim 200 mensen met MS en 60 gezonde proefpersonen zijn onderzocht op de aanwezigheid van kenmerkende patronen van weefselafbraak in de hersenschors. De hersenschors, bestaande uit grijze stof, bevindt zich aan de buitenkant van de hersenen en bevat een groot deel van de zenuwcellen. Witte stof bevindt zich aan de binnenkant van het brein en bevat de banen die de zenuwcellen met elkaar verbinden. De krimppatronen zijn vervolgens vergeleken met de aanwezigheid van fysieke achteruitgang (bijvoorbeeld problemen met hand- of loopfunctie, voelen of plassen) en cognitieve achteruitgang (bijvoorbeeld tragere informatieverwerking of slechter geheugen).

Resultaat

Het onderzoek van Martijn laat zien dat specifieke krimppatronen in de hersenschors sterk samenhangen met de klachten van MS-patiënten. De afbraak van zenuwcellen in de hersenschors vindt plaats volgens specifieke patronen. Drie patronen hangen sterk samen de klinische achteruitgang.

Impact

Het beter herkennen van patronen in MRI-hersenscans, draagt bij aan een beter begrip van de klachten bij MS. Ook kunnen krimppatronen in de hersenschors in de toekomst mogelijk worden gebruikt om het ziektebeloop te voorspellen.

 

Het promotieonderzoek van Martijn Steenwijk is uitgevoerd binnen de programmasubsidie “Neurodegeneratie en neuroprotectie in MS: van molecuul tot kliniek” van het VUmc MS Centrum Amsterdam (09-358dMS). 

 

Martijn Steenwijk (VU, Amsterdam) 09-358dMS

Promotiedatum: 26 april 2016