Een stap voor op MS: Het voorspellen van het ziektebeloop na een klinisch geïsoleerd syndroom

Belang

Omdat het ziektebeloop van MS-patiënten erg heterogeen in ernst en prognose is, zijn er op het moment van de eerste aanval factoren nodig die het ziektebeloop kunnen voorspellen. Betrouwba­re prognostische factoren zijn erg belangrijk vanwege het groeiende aantal beschikbare immunomodulerende therapieën1 (IMT) voor MS-patiënten. Vroeg in het ziekteproces starten met deze therapieën voorkomt latere MS aanvallen en invaliditeit.

Methode

Roos van der Vuurst de Vries onderzocht twee onderzoeksgroepen gevormd uit volwassenen en kinderen, die gevolgd zijn na een eerste aanval (CIS). Het doel van dit onderzoek  was om prognostische factoren te vinden die het ziektebeloop na een eerste aanval te kunnen voorspellen.

Resultaat

Het onderzoek van Roos heeft geleid tot een aantal nieuwe inzichten:

  • De in 2017 gereviseerde McDonald criteria voor MS zorgen voor een verdubbeling van het aantal MS diagnoses op het moment van de eerste aanval. Deze nieuwe diagnostische criteria zullen daarom zeer waarschijnlijk leiden tot een hoger aantal MS patiënten met een minder actief ziektebeloop.
  • Het roken van sigaretten ten tijde van de eerste aanval is in de onderzochte groep MS-patiënten geassocieerd met een toekomstige MS diagnose.
  • Zowel de immunologische marker sCD27 als de neurodegeneratieve marker neurofilament light chain in hersenvloeistof voorspellen een toekomstige MS diagnose bij volwassenen en kinderen met een eerste aanval onafhankelijk van al bekende voorspellers zoals MRI en oligoclonale banden.
  • Kinderen met een eerste aanval hebben een meer inflammatoir ziektebeloop met een kortere tijd tot MS diagnose en meer relapsen dan volwassenen. Dit zijn belangrijke argumenten om vroeg te starten met immunomodulerende therapie bij CIS patiënten met een hoog risico op MS, niet alleen bij volwassenen maar ook bij kinderen.
  • Een specifieke groep afweercellen, de Th1-like Th17 cellen, spelen waarschijnlijk een rol in het ziekteproces van MS. Deze afweercellen zijn minder aanwezig in het bloed van CIS patiënten die CIS blijven vergeleken met CIS patiënten met een korte tijd tot een tweede aanval. Met name de subpopulatie Th17.1 lijkt zich op te hopen intrathecaal in de vroege fase van MS. 

1 Immunomodulerende therapieën zijn medicijnen die het afweersysteem beïnvloeden en zo de ziekteactiviteit van MS kunnen remmen.

2 CIS = Clinically Isolated Syndrome

 

Roos van der Vuurst de Vries (Erasmus Universiteit)

Promotiedatum: 30 januari 2019 - PR18-7