Lees hieronder kort wat de onderzoeksprojecten inhouden. Binnenkort worden de diverse projecten stuk voor stuk uitgebreider toegelicht.
Wat is de rol van de kleine hersenen in MS?
De kleine hersenen (het cerebellum) liggen aan de onderkant van ons brein en hebben een fijne structuur. Ze spelen een belangrijke rol bij diverse functies van ons lichaam. De kleine hersenen zijn bijvoorbeeld verantwoordelijk voor onze motoriek, geheugen en informatieverwerking. Dit zijn juist functies die vaak aangedaan zijn bij mensen met MS. Bij MS is er vaak schade aan de kleine hersenen. Deze schade is geassocieerd met een slecht herstel en een eerder begin van de progressieve fase. Het is dus te verwachten dat de kleine hersenen een belangrijke rol spelen in MS. Opmerkelijk genoeg is hier nog nauwelijks iets over bekend. Dit komt omdat de huidige beeldtechnieken niet geavanceerd genoeg zijn om de kleine hersenen, en mogelijke MS-laesies daarin, goed te bestuderen. Onderzoekers Myrte Strik, Menno Schoonheim en Wietske van der Zwaag, slaan de handen ineen om hier verandering in te brengen. De komende drie jaar zullen ze met een meer geavanceerde MRI (7T MRI) de kleine hersenen van mensen met MS bestuderen en de MS-laesies van deze mensen met elkaar vergelijken.
Inzetten op een nieuwe behandeling voor progressieve MS.
Melissa Schepers en Tim Vanmierlo onderzoeken de komende vier jaar of een bepaald proces in cellen, de zogenoemde PDE4-route, een mogelijk doelwit is om aan te pakken en zo progressieve MS te remmen. De PDE4-route is betrokken bij veel immunologische processen in ons lichaam. Op die manier speelt deze route ook een rol bij ontstekingen en herstel. Eén van de onderdelen van deze route lijkt specifiek betrokken te zijn bij de afbraak van myeline. Reden voor Tim en Melissa om dit verder te onderzoeken. Door dit stofje te stoppen, verwachten zij dat schade aan myeline mogelijk weer herstelt kan worden.
Reactie tegen virussen draagt bij aan MS-ontstekingen.
Het wordt steeds duidelijker dat er een relatie bestaat tussen virusinfecties en de ontwikkeling van MS. Het is echter niet bekend hoe dit precies werkt. Matthew Mason en Elga de Vries denken dat dit komt door een overactieve reactie van het lichaam. Als iemand een infectie met een virus heeft, wordt dit virus door het lichaam bestreden. Het lichaam maakt onder andere type I interferon, een ontstekingsstofje, om het virus tegen te gaan. Als het virus opgeruimd is, wordt ook de aanmaak van deze stof gestopt. Als de aanmaak van type I interferon niet stopgezet wordt, kan de stof het ontstaan van MS-laesies stimuleren. De komende drie jaar gaan Matthew en Elga de rol van type I interferon in MS verder onderzoeken.
Maatschappelijke uitdagingen voor mensen met MS.
MS is één van de belangrijkste oorzaken van invaliditeit bij (jong)volwassenen. Dit kan zorgen voor aanzienlijke beperkingen in het dagelijks leven. Het wordt lastiger om te werken of mee te doen aan sociale activiteiten. Ook leidt de ziekte in de progressieve fase vaak tot een grotere behoefte aan zorg en ondersteuning. Daarbij weten we dat er verschillen zijn in ons land. Helaas krijgt nog niet iedereen met MS de optimale zorg. Om alle mensen met MS de juiste hulp te bieden, is het belangrijk om eerst te weten wat voor hen de grootste uitdagingen zijn. Gedetailleerde informatie over hoe MS het meedoen in de maatschappij beïnvloedt is er momenteel nog niet. Met dit onderzoek wil Brigit de Jong, samen met collega’s en het Nederlands Instituut voor Onderzoek van de Gezondheidszorg, de impact die de ziekte heeft op het dagelijks maatschappelijk functioneren van mensen met MS in Nederland vaststellen. Deze kennis helpt zorgverleners om mensen met MS gerichter te ondersteunen en geeft handvatten om de zorg beter in te richten. Uiteindelijk willen de onderzoekers intensief bijdragen aan een betere zorg en ondersteuning voor alle mensen met MS.
De ernst van schade in beeld brengen met MRI.
MRI is een onmisbaar instrument voor het stellen van de diagnose MS en bij het volgen van behandelingen. Echter heeft deze techniek zijn beperkingen in het bepalen van de ernst van de schade aan zenuwen en myeline. De hoeveelheid schade kan nog niet goed worden gemeten, maar het is wel belangrijke kennis voor het vaststellen van een persoonlijke behandeling. Met behulp van een nieuw ontwikkelde methode lijkt het mogelijk om deze schade wel goed vast te stellen. Met dit onderzoek zal Petra Pouwels de eerste metingen verrichten om te kijken of deze nieuw ontwikkelde methode inderdaad effectief de hoeveelheid aangerichte schade kan aantonen. Ze verwacht hiermee in staat te zijn om schade en herstel van myeline in MS in beeld te brengen om symptomen, achteruitgang en behandeleffecten uiteindelijk beter te begrijpen en te voorspellen.
Ontwikkeling van een nieuw model voor MS.
Antonio Luchicchi en Geert Schenk zetten het komende jaar een nieuw kweekmodel op om in het laboratorium de processen van MS te kunnen onderzoeken. Zij hebben een manier gevonden om levende cellen uit hersenen van overleden MS-donoren te halen en deze in een kweekschaaltje in leven te houden. Dit model kan dus gebruikt worden om MS uitvoerig te bestuderen in een laboratorium, zonder dat daar proefdieren voor nodig zijn.
Werkbezoek naar Canada om een nieuwe techniek te leren.
Carla Rodriguez Mogeda kan dankzij een werkbeurs afreizen naar het laboratorium van professor Gommerman in Canada. Hier zal ze een nieuwe microscopie-techniek leren, namelijk het zichtbaar maken van individuele microglia-cellen, de afweercellen van de hersenen, in hersenweefsel van overleden MS-donoren. Met deze techniek kan Carla straks nog gerichter kijken naar waar deze cellen in de hersenen zitten en of ze juist achteruitgang bij MS tegengaan of stimuleren.