Meer kennis over MS door Project Y

28 september 2023

Multiple sclerose (MS) is de ziekte met 1000 gezichten. De één krijgt als kind al MS en de ander ‘pas’ na het veertigste levensjaar. Sommige mensen belanden in een rolstoel terwijl anderen na vele jaren met MS weinig beperkingen hebben. Er is geen duidelijke verklaring voor deze grote verschillen tussen mensen met MS. Om beter te begrijpen waarom MS bij iedereen anders verloopt, heeft MS Centrum Amsterdam de afgelopen jaren data een uniek patiënten-onderzoek opgezet met mensen met MS van hetzelfde geboortejaar, namelijk 1966. Deze zomer verschenen nieuwe resultaten over de rol van voeding en vetstoffen op het ziekteverloop van MS.

Verzamelen van gegevens

In totaal zijn er 367 mensen met MS, geboren in Nederland in 1966, waarvan gegevens zijn verzameld. De gegevens zijn veelal verzameld door middel van vragenlijsten. Daarnaast heeft een groot deel ook deelgenomen aan een uitvoerig onderzoek in het MS Centrum Amsterdam. Bij dit onderzoek zijn bloed, speeksel en ontlasting verzameld en tevens zijn er metingen verricht aan de hersenen en botten door middels van scans.

Met dit onderzoek kunnen veel vragen over MS beantwoord worden en meer kennis over MS vergaard worden. Er zijn al een aantal mooie publicaties verschenen, onder andere over biomarkers en cognitie. Recent zijn er nog twee projecten gepubliceerd in wetenschappelijke tijdschriften.

Vetstoffen

De familie van vetstoffen is groot en veelzijdig. Deze bestaat uit vetten en vetachtige stoffen zoals vetzuren en cholesterol. Vetstoffen zijn onmisbaar voor ons lichaam en zeker ook voor onze hersenen. Met behulp van Project Y hebben Gijs Kooij, Jelle Broos en Floor Loonstra gekeken naar hoeveel en welke vetstoffen aanwezig zijn bij mensen met MS én zonder MS, van dezelfde leeftijd. In deze studie hebben de onderzoekers aankunnen tonen dat de hoeveelheid van bepaalde vetstoffen samenhangt met een verhoogde EDSS score, bepaalde biomarkers (zoals serum Neurofilament light) en met hersenvolume. Dit is een eerste aanwijzing dat deze vetstoffen van invloed kunnen zijn op ziekteactiviteit en achteruitgang bij MS. Daarnaast zijn er aanwijzingen dat bij mensen met progressieve MS er een verband is tussen een specifieke vetstof en neurodegeneratie, het proces van zenuwschade..

Voedingspatroon

Floor Loonstra heeft met Project Y ook gekeken naar voedingspatronen en de mogelijke link met het ontwikkelen van MS. MS is een complexe ziekte, waarbij genetische en omgevingsfactoren een rol spelen. Er is al eerder aangetoond dat het risico om MS te ontwikkelen verhoogd wordt door onder andere roken, te kort aan vitamine D en het Epstein-Barr Virus (EBV). Ook voeding kan hier een rol bij spelen. Via vragenlijsten is informatie verkregen over het voedingspatroon van mensen met én zonder MS. Gevraagd werd naar onder andere het eten van fruit, groenten, snoep en snacks. Vervolgens werd per persoon een voedingsscore berekend. Een slechter voedingspatroon (weinig bruin brood, veel snoep en snacks) tijdens de kinderjaren lijkt het risico op MS te verhogen. Op latere leeftijd (rondom het vijftigste levensjaar) lijkt fruit-inname te zorgen voor minder lichamelijke beperkingen en een gezonder voedingspatroon voor minder grote MS-laesies.

Basis voor meer onderzoek

Dankzij Project Y komt er meer kennis over de rol van verschillende omgevingsfactoren en de ontwikkeling en/of ziektebeloop van MS, zoals de hier beschreven inzichten over vetstoffen en voedingspatronen. Dit onderzoek is mede mogelijk gemaakt door de deelnemers van de VriendenLoterij, Mission Summit, Stichting MS Research en VUmc Fonds. De gegevens en materialen die binnen het project zijn verzameld blijven beschikbaar. Dit is zeer waardevol om de rol voeding, vetstoffen en andere factoren op het ziektebeloop van MS verder te bestuderen. En dat is precies wat de onderzoekers van Project Y de komende tijd willen gaan doen.

MS monitoren

Uit de verzamelde data blijkt dat twee biomarkers in het bloed (neurofilament Light en Glial Fibrillary Acidic Protein) een accuraat beeld geven over de hoeveelheid weefselverlies -hersenkrimp – bij MS. Verlies van hersenweefsel is gekoppeld aan progressie bij MS en daarom waardevol om te monitoren. 

De oogziekte Internucleaire oftalmoplegie (INO) komt veel voor bij mensen met MS en is ook gerelateerd aan achteruitgang bij MS. INO is een oogbewegingsafwijking waarbij er sprake is van een langzamere of beperkte horizontale oogbeweging. Onderzoekers van Project Y ontdekten dat INO ook vaak voorkomt bij mensen zonder MS. Dit laat zien dat de oogafwijking verschillende oorzaken heeft, waaronder MS. Zonder dit unieke cohort hadden we niet ontdekt dat we de methoden voor het vaststellen van INO en de relatie met MS beter moeten onderzoeken.

Zie ook de onderzoekspagina: Project Y, oorzaak van verschillend ziekteverloop 

Website gemaakt door: Sturdy Digital